Knisper Fogata

Knisper FogataMisschien denk je: wat is “Knisper Fogata” nu voor naam? Weet dan dat ik WAT ik schrijf belangrijker vind dan dat IK het schrijf. Daarom dit pseudoniem, dat staat voor “knisperend houtvuur”. Zo wil ik zijn. Als een gezellig kampvuur dat mensen aantrekt en uitnodigt om rustig van elkaar te genieten. Rond het knisperend, brandend hout worden verhalen verteld, ervaringen gedeeld en kunnen we wegdromen.

Ik werd geboren in 1955 als derde van zeven kinderen en groeide op in een arbeidersgezin, in een eenvoudig rijtjeshuis, bij zeer Katholieke, plichtsbewuste ouders.

“Zorgen voor elkaar” was een rode draad in mijn leven, maar soms kon dat niet.

Reeds als kind ervaarde ik dat er grote nood is aan aangepaste, respectvolle zorg op crisismomenten, zeker als het sociale vangnet rond de zorgbehoevende onvoldoende is.

Ik haalde mijn diploma van Verpleegkundige in 1975 en werkte onder andere in Brussel, als nachtverpleegster, in een ouderlingen tehuis.

Als klein meisje hield ik schriftjes bij waarin ik alles opschreef wat ik wou delen maar niet kon delen. Rond mijn vijftiende jaar begon ik gedichten te schrijven. Hoe ouder ik werd hoe meer ik besefte dat ik de waardevolste levenservaringen en levenswijsheden niet kon doorgeven in gesprekken, noch in werkgroepen of samenwerkingsverbanden. Ik begon meer en meer dingen voor mezelf op te schrijven, gewoon omdat ik ze belangrijk vond.

Schrijven is zoals puzzelen, ieder verhaal is een stukje. Ergens zit ik in stukjes in al die stukjes, vermengd met de stukjes van vele anderen, maar ik heb geen idee hoe de puzzel er zal uit zien als hij klaar is.

Ik beken dat ik veel te weinig gelezen heb in mijn leven. Als ik al eens een boek las was het meestal een biografie of een roman gebaseerd op een waar gebeurd verhaal. Maar ik heb twee broers en een zuster die al meerdere boeken schreven en zij hebben me gemotiveerd om ook aan een boek te beginnen.

Debuut

Mijn debuutroman Home Paradijs – dat circa 15 april 2022 verwacht wordt – werd geboren terwijl ik werkte als nachtverpleegster in een Rust- en Zorgcentrum. In die tijd had ik de mogelijkheid niet om de wantoestanden die ik daar zag ernstig aan te pakken. Evenmin had ik de energie om er een boek over te schrijven. Maar vandaag kan ik dat wel.

Het verhaal van Elodie geeft ons de gelegenheid om mee te kijken achter de muren van “Home Paradijs”, het ouderentehuis waarin ze met haar zus Marie verblijft. De lezer kan gaandeweg ontdekken hoe hun leven er daar uitziet. Omwille van verschillende redenen worden de laatste levensjaren van Elodie, Marie en hun lotgenoten niet wat ze ervan verwacht hadden. Ze komen in situaties terecht waardoor ze lichamelijk en geestelijk ten onder gaan.

In hoeverre kan men de verantwoordelijkheid voor wat er verkeerd gaat bij het personeel leggen of bij de eigenares? Faalt het systeem van de ouderenzorg? Scheelt er iets aan de tijdsgeest waardoor we te gemakkelijk aanvaarden dat senioren thuishoren in dergelijke voorzieningen?

Kan iemand hen helpen om uit het web te geraken van ouderenuitbuiters?